Yesterdays
[pour antoine]
gisterens glinsteren huiselijk wijl
de dichterlijke honden onderkwijlen
het huis & jongen er hun godlijkjes
de blik verschuift de stem de stem
verschuift de vinger de vinger duwt
op de wonde & in het trage staat
de ontroering haar stilte geheel af aan
het naaldruisen van de nakende
kertsbomencascade. Oui,
je te jure:
“het pornolettrisme leeft in ieder van u
laat het vrij laat het vrij laat het”
(& dan nu de lachende bliksem:)